donderdag 24 februari 2011

Opstelten: kampioen symboolpolitiek
door Derrick Bergman

Opnieuw haalde justitieminister Opstelten de voorpagina's met een cannabisplannetje. Deze keer gaat het om de 'growshopwet' waarop zijn voorganger Hirsch Ballin zijn tanden al stuk heeft gebeten. Voor dit plan geldt hetzelfde als voor de wietpas: het klinkt stoer, maar is in de praktijk onhaalbaar of contraproductief. Opstelten dreigt binnen het kabinet kampioen symboolpolitiek te worden.

'Doek valt voor growshop' concludeerden sommige kranten naar aanleiding van Opstelten's aankondiging van een wetsvoorstel om hennepteelt zwaarder te bestraffen. Soortgelijke berichten konden we in maart 2008 lezen, toen zijn voorganger Ernst Hirsch Ballin een verbod op growshops aankondigde. Ook toen was sprake van strafbaarstelling van zogenaamde voorbereidingshandelingen; zelfs het verstrekken van informatie over hennepteelt zou strafbaar worden. Het duurde ruim twee jaar voordat Hirsch Ballin zijn wetsvoorstel af had, waarna het werd gekraakt door zowel de Raad voor de Rechtspraak, de Vereniging Nederlandse Gemeenten als de Nederlandse Vereniging voor Rechtspraak.

Vooral de Raad voor de Rechtspraak leverde fundamentele kritiek. Zo vroeg zij zich af of 'niet verwacht mag worden dat winkeltjes die thans de titel “growshop” hebben, hun naam niet zullen wijzigen en/of hun assortiment niet zodanig zullen verbreden dat niet eenvoudig kan worden gesteld dat alle of de meeste voorwerpen bestemd zijn voor de grootschalige hennepteelt.’ Daar wringt immers de schoen: voor het kweken van cannabis heb je spullen nodig die in elk tuincentrum verkrijgbaar zijn. Bovendien is vervolging van een winkelier omdat een klant iets illegaals doet met de gekochte koopwaar buitengewoon lastig, zo niet onmogelijk. Als iemand zijn vrouw dood steekt met een keukenmes van de HEMA, wordt de HEMA toch niet vervolgd wegens voorbereiding of bevordering van moord.

Los daarvan: zou Opstelten werkelijk geloven dat mensen stoppen met wiet kweken als ze hun aarde en plantenbakken niet meer bij een growshop kunnen kopen? Weet de minister niet dat in heel Europa de growshops als paddestoelen uit de grond schieten en ook via internet leveren? En heeft de minister nooit gehoord van 'Operation Green Merchant' die de Amerikaanse president George Bush senior in 1989 in gang heeft gezet? Op ongekend harde wijze verklaarde de DEA toen de oorlog aan cannabistijdschriften en winkels voor tuinbenodigdheden. Winkeliers, en zelfs hun familieleden, kregen forse celstraffen. 22 jaar later groeit de cannabisindustrie in de VS als nooit tevoren; dit jaar opende de eerste keten van 'supergrowshops', weGrow, haar deuren in Californië.

Hennep is een oersterk onkruid, dat razendsnel groeit en over de hele wereld al duizenden jaren wordt geteeld en benut. Wie denkt dat deze plant uit te roeien is met het strafrecht is naïef, slecht geïnformeerd of beiden. Als Opstelten echt iets wil doen aan de problemen rond cannabis in ons land, dan moet hij de aanvoer van coffeeshops reguleren. De wietpas, het afstandscriterium, de growshopwet: het is allemaal dure symboolpolitiek, waarvan enkel het illegale circuit de vruchten plukt. Criminelen zullen nog hogere prijzen kunnen vragen voor een ongecontroleerd product, de illegale handel op straat en vanuit woonhuizen zal nog verder toenemen, net als het onderlinge geweld tussen criminele groepen.

Laat Opstelten eens te raden gaan in landen als Spanje, Tsjechië, Portugal en de VS en de manier waarop de overheid daar omgaat met decriminalisering van cannabis. Daar is het besef inmiddels doorgedrongen dat het verbod op cannabis veel meer schade oplevert dan de cannabisplant zelf.

Derrick Bergman
Vereniging voor Opheffing van het Cannabisverbod

Illustratie: Mokumtv