zaterdag 30 oktober 2010

Cannabis: kabinet Rutte gooit kind met badwater weg
De plannen van het kabinet Rutte-Verhagen op het gebied van cannabis en coffeeshops hebben niets te maken met de volksgezondheid en leveren alleen voor criminelen voordeel op.
door Derrick Bergman

Het kabinet wil dat coffeeshops 'besloten clubs' worden, slechts toegankelijk voor 'inwoners van Nederland op vertoon van een clubpas'. Het afstandscriterium, de maximaal toegestane afstand tussen een coffeeshop en een school, wordt verruimd van 250 naar 350 meter. Het onderscheid tussen soft en hard drugs wordt 'aangepast' en de straffen voor drugsdelichten gaan omhoog. Al met al een pakket waar voorstanders van de war on drugs hun vingers bij af zullen likken. De vraag is wat de gevolgen zullen zijn voor de Nederlandse burger.

Wat het pasjessysteem betreft: dat druist regelrecht in tegen artikel 1 van de grondwet. Discriminatie op basis van nationaliteit of woonland is verboden. Dat concludeerde ook de Maastrichtse rechtbank in het proefproces dat voormalig burgemeester Leers aanspande tegen de Maastrichtse coffeeshop Easygoing. Er is weinig reden om aan te nemen dat de Raad van State, die zich binnenkort over deze zaak uitspreekt, anders zal oordelen. Mocht het toch lukken om apartheid in de coffeeshop te introduceren, dan zal een deel van de bezoekers overstappen naar het illegale circuit. Niet alleen buitenlanders, maar ook Nederlanders die -terecht- geen zin hebben om zich te laten registeren. Dat hoeven ze immers ook niet om alcohol of tabak te kopen.

Het illegale circuit is de afgelopen tien jaar al flink gegroeid, door de halvering van het aantal coffeeshops en de hoge prijzen voor cannabis als gevolg van de jacht op kwekers. In het illegale circuit bestaat geen leeftijdsgrens en geen onderscheid tussen soft en hard drugs: alles is verkrijgbaar, voor iedereen. En elke stadsbewoner weet dat drugsrunners, straat- en huisdealers meer overlast veroorzaken dan coffeeshops. Toch zet het kabinet in op minder coffeeshops en meer illegale handel. Het verruimde afstandscriterium zal tientallen, zoniet honderden coffeeshops de kop kosten. In Leeuwarden zouden elf van de dertien shops hun deuren moeten sluiten.

Door de halvering van het aantal coffeeshops is het bij de krap 700 resterende shops steeds drukker geworden. Dat proces zal zich door de kabinetsplannen verhevigd voortzetten. Waarna de overheid zal constateren dat de overgebleven shops zo groot zijn geworden, dat ze wel zaken moéten doen met georganiseerde criminelen: een redenering die in Terneuzen en in Eindhoven is gehanteerd. Tegelijk is het de politiek die de hoge winsten van die criminelen garandeert. Teelt en groothandel van cannabis worden niet deugdelijk gereguleerd, maar overgelaten aan de criminaliteit. Over de 'achterdeur' van de coffeeshop staat geen woord in het regeerakkoord. Een product dat honderdduizenden Nederlanders gebruiken, is aan geen enkele vorm van controle onderhevig.

Dat het kabinet deze situatie onveranderd laat is het zoveelste bewijs dat volksgezondheid nauwelijks meer een rol speelt in de beleidsvorming. De doorgeschoten repressie heeft de doelstellingen van ons cannabisbeleid -decriminalisering en scheiding van de markten voor soft en hard drugs- steeds verder onder druk gezet. Sinds 2000 is de teelt en handel van cannabis actief gecriminaliseerd door de overheid. En door de groei van het illegale circuit is de scheiding der markten voor steeds meer consumenten verdwenen. Door te kiezen voor nog meer repressie gooit het kabinet definitief het kind met het badwater weg.

Wie naar de cijfers kijkt ziet dat de alcoholproblematiek -zeker onder jongeren- vele male groter is dan de problematiek door cannabis. In het regeerakkoord wordt echter niets gezegd over comazuipen, alcoholreclame op televisie of verhoging van de leeftijdsgrens voor alcohol. Zo'n verhoging is expliciet aanbevolen door de Commissie Van de Donk, die vorig jaar advies uitbracht over het drugsbeleid. Ook de aanbeveling om de onwerkbare voorraadregel voor coffeeshops te verruimen, slaat dit kabinet in de wind. Dat kinderen onder de zestien bij zeker tachtig procent van de 70.000 alcoholverkooppunten in ons land probleemloos alcohol kunnen kopen is natuurlijk lang zo erg niet als een coffeeshop die meer dan 500 gram voorraad heeft.

De tijd dat Nederland alleen stond met het decriminaliseren van cannabis, ligt al jaren achter ons. Tsjechië en Portugal hebben vergaande stappen richting legalisering gezet, Spanje kent een bloeiende cannabisindustrie, dertien Amerikaanse staten voeren een de facto gedoogbeleid en Californië stemt op 2 november over Proposition 19, de Regulate, Control & Tax Cannabis Act. Dat is precies wat we eindelijk met cannabis moeten doen: reguleren, controleren en belasten. Het is beter voor de volksgezondheid, beter voor de rechtshandhaving en het levert 850 miljoen euro per jaar op, zoals econoom Martijn Boermans recent becijferde. Rutte beloofde ons in zijn regeringsverklaring 'geen betutteling' en 'geen overbodige regels'. Laat hij die woorden waar maken.

De auteur is publicist en actief voor de VOC, de Vereniging voor Opheffing van het Cannabisverbod