donderdag 21 april 2005

Levend PacMan
Het is misschien niet het beste verhaal dat ik ooit voor EssensiE heb geschreven, maar aangezien 3FM morgen een liveversie van PacMan gaat spelen, is het wellicht aardig om nog het eens online te plaatsen. Gepubliceerd in de EssensiE van april 2003. (EssensiE is een tijdschrift met diverse columnisten, waaronder Giel Beelen.)

PacMan
Door D.C. Lama

Stef had geVJ’d tijdens een feest in een hangar, waarvan hij zelf een van de organisatoren was. Eén van zijn projectoren had hij in de nok van de ruimte gehangen, waarmee op de grond een projectie van ruim 150 vierkante meter zichtbaar werd. Ik had Stef voorgesteld om daar de dag na het feest mijn Atari-spelcomputer op aan te sluiten (voor vijf euro gekocht op een rommelmarkt) en Stef had beloofd ervoor te zorgen dat de steiger nog een dag langer zou blijven staan, zodat we de hele nacht vanaf de zijkant konden spelen.

Met de joystick in de hand keken we vanaf vijf meter hoogte naar beneden, waar het gele mannetje met het verdwenen taartstukgezicht een doorsnede van bijna een meter had gekregen: Het at stipjes ter grootte van ijshockeypucks, terwijl het de over-de-grond-kruipende spookjes ontweek of juist achterna zat. Dit zouden we wel een hele nachtje kunnen volhouden, aangezien we Space Invaders op deze wijze net iets te gevaarlijk vonden.

Arnold, die tijdens het feest voor de bewaking had gezorgd, had voor zichzelf echter al besloten om die avond een kickbokstraining in het midden van de hangar te geven. Dat had wel iets “Rocky’s”, zoals hij het zelf verwoordde, maar was natuurlijk niet vergelijkbaar met hetgeen wij hadden gecreëerd. Direct bij binnenkomst begon hij te schelden dat wij moesten ophouden omdat hij dat wilde, terwijl zijn vier leerlingen wel meer oog hadden voor de kunst van de oude Atari. ‘Mogen wij zo ook een keer spelen?’, vroegen zij terwijl hun leraar ons uitkafferde. En hoewel wij het spelplezier graag met anderen wilden delen, hield Arnold voet bij stuk en eiste dezelfde ijzeren discipline van zijn ondergeschikten.

Als compromis stelde ik voor dat Stef en ik gewoon bleven spelen en dat Arnold de bewegingen van PacMan al lopend zou volgen. Iedere keer dat hij dan een spookje tegenkwam (bewegingen die de leerlingen moesten volgen), kon hij een kort gevecht met hen aangaan, zodat er een originele oefening zou ontstaan. Arnold stemde er mee in, maar begon na twee potjes weer te zeuren dat alles toch gewoon op zijn manier moest gaan. Dit geheel tegen de zin van zijn leerlingen, die de avond ervoor ook naar het feest waren geweest en net als Stef en ik lekker blowend het klassieke Atari-spel wilden spelen. Waarom Arnold meer recht op de ruimte had dan Stef was ook niet duidelijk, maar Stef was al stoned en had geen zin in ruzie.

‘Laten we dan nog één spelletje doen,’ stelde ik voor: ‘Maar dan moeten jullie je wel meer aan de echte spelregels houden. Dus als PacMan een grote stip heeft gegeten en de spookjes mag aanvallen, mogen de leerlingen zich slechts verdedigen en mag de leraar op ze in slaan. Als de spookjes echter nog gewoon hun normale kleur hebben, moet de leraar in verdedigende houding staan en mag het spookje -dat hem in het spel te pakken heeft- zich op de leraar uitleven.’

Arnold stemde er mee in en liep trouw de route waarin ik de geprojecteerde PacMan stuurde. De vier leerlingen verlieten één voor één het centrale punt van het spel, om het paarse, rode, lichtblauwe of groene spookje te volgen. Op geroutineerde wijze stuurde ik PacMan in de buurt van de spookjes, maar op zodanige afstand dat ze de leraar net niet konden pakken. Het is een oude PacMan-truc om de vier spookjes bijeen te lokken, zodat je ze na het eten van een grote stip in één keer kunt opeten. Alleen deed ik dat laatste dit keer niet en stuurde PacMan zonder aanvalsmandaat op de vier leerlingen af, die op dat moment met enkele rake stoten hun leraar knock-out wisten te trappen.

De rest van de avond hebben we lekker gespeeld met een liggende Arnold in het midden van het veld, waar ook de spookjes naar toe gaan als zij hun strijd hebben verloren.