zaterdag 27 november 2004

Artikel 147
Het Nachtegal van D.C. Lama, dd 27 november 2004. Voorgelezen in het programma van Giel Beelen op 3FM.

Je kunt heel angstig over cannabis doen, dat blijkt wel uit dat stompzinnige verbod erop. Er worden ieder jaar weer ontzettend veel onderzoekjes gedaan die die angst moeten rechtvaardigen, maar echte negatieve effecten zijn er ondanks al die inspanningen nooit gevonden. Wie ook af en toe eens iemand voor het eerst een jointje ziet roken, weet dat angst ook niet bepaald een goede manier is om met drugs om te gaan. Hoe vaak heb ik niet gezien dat iemand met een enorm emotioneel voorbehoud aan een stickie zoog, maar zo bang was gemaakt door al die onzinverhalen over wiet, dat die angst bij het eerste het beste effect enorm werd aangezet. Pas als je die mensen met woorden gerust had gesteld, konden zij de schoonheid van het blowen ervaren en genieten van de prachtige werking van die plant.

Je kunt ook heel lacherig doen over cannabis. Want inderdaad: als je dan eenmaal lekker stoned bent en je merkt ineens allerlei dingen op die je normaliter nooit zo duidelijk ziet (Hoe mooi het licht door een ruit naar binnen kan vallen; hoe ontroerend mooi de mens tegenover je eigenlijk is en hoeveel grootsheid er in de kleine dingen kan schuilen), dan kan dat alles inderdaad behoorlijk humoristisch zijn. Dat je dat nou nog nooit eerder is opgevallen! En ja... als het leven op aarde dan toch een doel of nut heeft, dan zal lachen, liefde en respect daar vast iets mee te maken hebben.

En dat brengt mij bij een derde kijk op cannabis: de spirituele kijk. Want alles wat ik zie, voel en merk van het Grote Alles, wat ook altijd weer andere vragen oproept, ben ik geneigd God te noemen. Daarin ben ik niet anders dan de meeste christenen, boeddhisten, moslims of één van de vele aanhangers van weer een andere godsdienst. Ik heb alleen nooit een boek, een leider of iets anders kunnen vinden dat mij op overtuigde wijze van de zogenaamde enige echte waarheid heeft weten te overtuigen, maar in de drie decennia dat ik nu op deze planeet rondloop, heb ik behoorlijk wat tijd gespendeerd om zowel in mijzelf als daarbuiten naar een verklaring voor dat alles te zoeken. En daarbij heb ik gemerkt dat het roken van cannabis voor een verhelderende blik kan zorgen.

Let wel: ik zeg niet dat cannabis mijn God is, maar wel een sacrament: een manier om in aanraking te komen met alles wat men eventueel God zou kunnen noemen, of dat nou in jezelf, de atmosfeer, het heelal of iets anders zit.

Ook daarin ben ik niet de enige. Op die manier wordt cannabis door waanzinnig veel mensen in mijn omgeving ervaren; de rasta’s hebben dat al jarenlang geleden als zodanig erkend; en het is de basis van een wereldwijd erkende kerk, genaamd het THC Ministry. Daarbij zijn ongeveer 40.000 mensen aangesloten, waaronder ik, die in ieder geval erkennen dat cannabis een middel is om beter in contact te treden met al die vibes om ons heen en dat wat men misschien wel God zou kunnen noemen. Daarbij zitten overigens ook gewoon christenen, boeddhisten en mensen die misschien nog wel in veel meer geloven, maar dat wordt door deze godsdienst niet per definitie uitgesloten, maar ook niet per definitie omarmd.

Nou hebben wij in Nederland een minister van Justitie, Donner genaamd, die onlangs aankondigde te willen onderzoeken of artikel 147 uit het Wetboek van Strafrecht niet eens wat vaker toegepast zou kunnen worden. Dat artikel gaat over het verbod op zogenaamde godslastering. Eenieder die zich op krenkende wijze uitlaat over godsdienstige gevoelens, die een bedienaar van de godsdienst in de geoorloofde waarneming van zijn bediening bespot (ja, ja... het komt rechtstreeks uit het wetboek) of voorwerpen die aan een eredienst zijn gewijd, beschimpt, kan in aanmerking komen voor een geldboete of een gevangenisstraf van ten hoogste drie maanden.

Nou heeft deze minister, Donner dus, zich in het verleden nogal eens krenkend uitgelaten over cannabis, mijn sacrament. (Een voorwerp dat aan een eredienst van het THC Ministry is gewijd, om het op z’n Wetboek van Strafrecht’s te zeggen.) Om een voorbeeld te noemen: Donner was een van de grootste verkondigers van de mythe dat cannabis misschien wel eens schizofrenie zou kunnen veroorzaken; dat alles wat cannabis met je hersenen doet, je eigenlijk gek maakt. Daar was geen enkel wetenschappelijk argument voor en diezelfde wetenschap heeft die stelling uiteindelijk ook weerlegt, maar Donner beweert nog steeds dat het beter zou zijn dat niemand het sacrament van deze kerk zou gebruiken. Omdat de God die ik ervaar, volgens Donner een soort gekte is.

Dus als Donner van plan is het wetsartikel over godslastering eens wat sneller in te zetten, dan wordt misschien eens tijd om de minister zelf aan te klagen op grond van artikel 147.

Links:
* THC Ministry
* Artikel 147 uit het Wetboek van Strafboek
* Column over onderzoek naar cannabis (Nachtegal dd 22 oktober 2004)
* Cartoontje over Donner